Vorige week -
Vorige dag -
Volgende dag -
Volgende week
Het woord van de Heer kwam tot Jeremia:
Dit zegt de Heer, Israëls God: Stel alles wat Ik u gezegd heb op schrift.
Dit zegt de Heer: Uw kwaal is ongeneeslijk, uw wonden zijn niet te helen.
Niemand verzorgt uw zweren, uw wonden sluiten zich niet.
Al uw minnaars zijn u vergeten, ze lopen u niet meer achterna, omdat Ik als een vijand op u heb ingeslagen en u meedogenloos heb gestraft om uw vele misdaden en uw talrijke zonden.
Wat jammert ge dan om uw wonden en uw onverdraaglijke pijnen? Om uw vele misdaden en uw talrijke zonden heb Ik u dit alles aangedaan.
Dit zegt de Heer: Ik herstel de tenten van Jakob, Ik ontferm Mij over zijn huizen. De stad wordt herbouwd op zijn puinhoop, de burcht komt weer op zijn vroegere plaats.
Een loflied weerklinkt, men hoort hen weer lachen. Ik maak hen talrijk, nooit nemen ze in aantal af. Ik breng hen tot aanzien, nooit worden ze meer veracht.
Hun zonen zijn voor Mij weer als vroeger, hun gemeen‑ schap blijft altijd bestaan. Hun onderdrukkers straf Ik.
Hun vorst is een van hen, hun heerser komt voort uit hun midden. Ik laat hem bij Mij komen, hij mag tot Mij naderen. Wie anders zou met gevaar voor zijn leven tot Mij durven naderen ‑ godsspraak van de Heer ‑?
Gij zult mijn volk en Ik zal uw God zijn.
Bron : Petrus Canisius bijbelvertaling & vernieuwingen
Om de bijbellezingen iedere morgen in Uw mailbox te ontvangen, kunt u zich hier inschrijven : dagelijksevangelie.org
Soort Lezing
Lezing van 4 august 2026
Uit profeet Jeremia 30,1-2.12-15.18-22.Het woord van de Heer kwam tot Jeremia:
Dit zegt de Heer, Israëls God: Stel alles wat Ik u gezegd heb op schrift.
Dit zegt de Heer: Uw kwaal is ongeneeslijk, uw wonden zijn niet te helen.
Niemand verzorgt uw zweren, uw wonden sluiten zich niet.
Al uw minnaars zijn u vergeten, ze lopen u niet meer achterna, omdat Ik als een vijand op u heb ingeslagen en u meedogenloos heb gestraft om uw vele misdaden en uw talrijke zonden.
Wat jammert ge dan om uw wonden en uw onverdraaglijke pijnen? Om uw vele misdaden en uw talrijke zonden heb Ik u dit alles aangedaan.
Dit zegt de Heer: Ik herstel de tenten van Jakob, Ik ontferm Mij over zijn huizen. De stad wordt herbouwd op zijn puinhoop, de burcht komt weer op zijn vroegere plaats.
Een loflied weerklinkt, men hoort hen weer lachen. Ik maak hen talrijk, nooit nemen ze in aantal af. Ik breng hen tot aanzien, nooit worden ze meer veracht.
Hun zonen zijn voor Mij weer als vroeger, hun gemeen‑ schap blijft altijd bestaan. Hun onderdrukkers straf Ik.
Hun vorst is een van hen, hun heerser komt voort uit hun midden. Ik laat hem bij Mij komen, hij mag tot Mij naderen. Wie anders zou met gevaar voor zijn leven tot Mij durven naderen ‑ godsspraak van de Heer ‑?
Gij zult mijn volk en Ik zal uw God zijn.
Bron : Petrus Canisius bijbelvertaling & vernieuwingen
Om de bijbellezingen iedere morgen in Uw mailbox te ontvangen, kunt u zich hier inschrijven : dagelijksevangelie.org